Hoe we onszelf voor de gek houden om niet gek te worden

blog annafreud

De afweermechanismen van Anna Freud

Defensief gedrag is de oorzaak van veel van de problemen die we met anderen en met onszelf hebben. Het leidt ertoe dat we mensen onterecht de schuld van dingen geven, dat we redelijke kritiek als wreed interpreteren en dat we sarcastisch en ironisch zijn in plaats van eerlijk. 

De dochter van Sigmund Freud, Anna, heeft ons veel te vertellen over de oorsprong van defensief gedrag. Anna Freud werd in 1895 geboren in Wenen, toen haar vaders radicale theorieën over seks en de psyche hem roem brachten in Europa. Ze werd onderwijzeres en psychoanalytica, en deed pionierswerk op het gebied van de behandeling van kinderen.

In 1934 publiceerde ze haar boek Het Ik en de afweermechanismen, waarin ze het idee omschrijft dat we instinctief ons ‘ego’ (ons acceptabele beeld van wie we zijn) beschermen door middel van een reeks afweermechanismen. Een afweermechanisme is een manier van reageren die bedoeld is om ons pijn te besparen. Het probleem is echter dat wanneer we ons op de korte termijn verdedigen, we onze kansen om op de lange termijn met de realiteit om te kunnen gaan beschadigen en zo ook onze kansen om ons te ontwikkelen en volwassen te worden.

Anna Freud omschreef tien belangrijke afweermechanismen.

1. Ontkenning

We geven niet toe dat er een probleem is. We denken dingen als: ik houd ervan om veel te drinken en soms houd ik daar een kater aan over, maar ik drink niet te veel. Of: ik heb behoorlijk wat geld uitgegeven, maar niet meer dan andere mensen; ik zou niet zeggen dat ik financieel onverantwoordelijk ben. Als andere mensen (familieleden, vrienden, partner) proberen ons toe te laten geven dat er een probleem is, reageren we meestal averechts.

Het onmiddellijke overlevingsmechanisme – het kortetermijninstinct om je goed te voelen over jezelf – is te ontkennen dat er een probleem is, want toegeven betekent dat we allerlei moeilijke en gênante dingen moeten doen om het op te lossen.

Maar ontkenning van het probleem belemmert de mogelijkheid er op de lange termijn mee om te kunnen gaan.

Ontkennen is niet hetzelfde als liegen. Dit afweermechanisme is als een rookgordijn dat het heel moeilijk voor ons maakt om te zien wat er in ons leven aan de hand is.

2. Projectie

We herkennen een negatief gevoel, maar in plaats van in te zien dat het onze eigen negatieve emotie is, schrijven we het toe aan iemand anders (we projecteren het op iemand anders). Dit klinkt misschien vreemd en gecompliceerd, maar het komt vaak voor.

Je krijgt een brief waarop staat dat de baas je persoonlijk wil spreken over iets ingrijpends. Je eerste reactie is misschien dat je denkt dat hij je gaat ontslaan, dat hij gaat uitleggen hoe hij iets verschrikkelijks over je heeft ontdekt. In je verbeelding is hij koel, autoritair en heel kwaad. Wanneer je echter bij je baas komt, krijg je alleen maar wat belangrijke informatie over een nieuw contract dat in de maak is. Dus alle emoties – de angst, de afstandelijkheid, de rancuneuze woede – zijn eigenlijk van jou. Je hebt ze zelf op je baas geprojecteerd. Je hebt je eigen negatieve gevoelens, waarvan je niet wilde erkennen dat je ze had, aan iemand anders toebedacht.

In plaats van heel gefrustreerd te zijn over jezelf (een hoogst ongemakkelijk gevoel), kun je je onterecht behandeld voelen (een gemakkelijker gevoel).

3. Je tegen jezelf keren

We gebruiken verdedigingsmechanismen om onszelf tegen psychologisch lijden te beschermen. Dus het klinkt paradoxaal om te zeggen (zoals Anna Freud deed) dat jezelf pijn doen – kwaad zijn op jezelf of van jezelf walgen – een verdedigingsmechanisme kan zijn. Maar het is een kwestie van wat we het angstaanjagendst vinden. Er zijn heel veel dingen zijn die we enger vinden dan een hekel hebben aan onszelf.

Ik ben vast slecht en waardeloos (denkt het kind). Ik ben afschuwelijk, daarom doet mijn ouder zo. Dus, is de gedachte, ik heb een goede ouder. Het is pijnlijk, maar het is misschien minder rampzalig dan de waarheid: dat je in handen bent van iemand die niet om je geeft.

4. Sublimatie

Dat wil zeggen, onaanvaardbare gedachten of emoties in ‘betere’ en idealiter constructievere banen leiden.

Veel musici hebben negatieve ervaringen in het leven – zoals een drugsverslaving, sociale problemen, familieproblemen enzovoort – in populaire en gedenkwaardige uitvoeringen en songs omgezet, die veel mensen inspiratie en energie hebben gegeven. Een kunstenaar als Vincent van Gogh, die psychische problemen had en met een absintverslaving worstelde waardoor hij zichzelf een oor afsneed, kon zijn problemen in zijn kunst kwijt en intens gedenkwaardige beelden scheppen. 
Kunst geeft ons de opmerkelijkste voorbeelden van andere mogelijkheden. De agressieve impuls om iedereen te vertellen wat hij moet doen en om zonder terughoudendheid je wil op te leggen, zou gesublimeerd kunnen worden tot de vastbeslotenheid om werk te maken dat accuraat en indrukwekkend is. Een fascistische impuls kan herleid worden tot de sociaal nuttige ambitie om orde en samenhang te creëren.

5. Regressie

Onze kindertijd lijkt – terugkijkend tenminste – een veilige tijd. Als kind werd je tegen verantwoordelijkheid beschermd. Er werd niet van je verwacht dat je het allemaal begreep, dat je moeilijke beslissingen nam, dat je consistent was, of dat je goed kon uitleggen wat er mis was.

In geval van regressie als verdedigingsmiddel word je in sommige belangrijke opzichten weer kind. Je kunt bijvoorbeeld heel vaak twijfelen in plaats van een beslissing te nemen en daar de verantwoordelijkheid voor te dragen.

Een typerend kenmerk van regressie, of terugval, is de overtuiging dat problemen altijd de schuld van anderen zijn. Het is een strategische terugkeer naar de kinderlijke overtuiging dat de ouders de baas zijn over de wereld en alles kunnen. Dus als er iets fout gaat, kunnen en moeten zij het oplossen. En degene die nooit ergens van beschuldigd kan worden, is natuurlijk het kind.

Een driftbui is een typisch regressief verdedigingsmechanisme. In plaats van een oplossing te vinden voor een probleem, probeert men (volgens de logica van het kind) het probleem op te lossen door boos te worden. Maar baby’s móéten wel om hulp vragen door te huilen, te schreeuwen en met hun vuistjes te slaan. Ze kunnen niet anders. Dus de driftbui betekent eigenlijk: ik kan niet verantwoordelijk zijn voor deze situatie. Je moet me helpen, want ik ben nog maar een baby.

6. Rationalisering

Rationalisering is een intelligent klinkend excuus voor onze daden, dat erop gericht is de conclusie te krijgen die we voor ons gevoel nodig hebben: dat we onschuldig, aardig en respectabel zijn. 

Een typische vorm van rationalisering is het bagatelliseren van dingen die we niet hebben maar heimelijk wel zouden willen. Na te zijn afgewezen voor een baan zal een defensief rationaliserend persoon zeggen: ‘Het was een saai bedrijf’ of ‘Ik wilde die baan eigenlijk toch niet’. Terwijl hij in werkelijkheid die baan heel graag wilde hebben. Het is niet de beoordeling van de voordelen van de baan die tot deze conclusie hebben geleid, maar de dringende behoefte om je gevoel van eigenwaarde te beschermen.

7. Intellectualisering

Intellectualisering gaat erom dat je iets pijnlijks en belangrijks wegstopt door een heel aannemelijk gesprek over iets heel anders te voeren in je hoofd. Het pijnlijke gevoel van verlies, schuld, verraad en boosheid vanwege de scheiding van je partner wordt geneutraliseerd door te denken aan de geschiedenis van het laat-Romeinse Rijk, of aan het regeringsplan om de rente te verhogen. Nogal wat intellectuelen denken niet alleen veel, ze maken zich ook schuldig aan ‘intellectualisering’; ze zorgen ervoor dat hun onderzoek verscheidene dringender zaken op een afstand houdt.

8. Reactieformatie

In geval van reactieformatie doe je het tegenovergestelde van je oorspronkelijke onaanvaardbare gevoelens. Je zou het ook ‘overcompenseren’ kunnen noemen. Iemand die veel interesse heeft in seks met tieners zou zich bijvoorbeeld aan kunnen sluiten bij een religieuze groep die de nadruk legt op onthouding onder jongeren. We zijn vaak schuldig aan reactieformatie in onze jeugd. Als we ons schamen omdat we ons aangetrokken voelen tot een klasgenoot, kunnen we gemeen of agressief tegen hem zijn, in plaats van dat we toegeven dat we hem leuk vinden.

9. Verschuiving

Verschuiving is het afschuiven van een (meestal agressief) verlangen op iemand anders. Dit gedrag wordt vaak opgewekt door een persoon die als een dreiging op ons overkomt, We reageren door onze gevoelens op iets of iemand anders te richten die we veiliger de schuld kunnen geven.

Een typisch geval is iemand die zich bedreigd voelt door zijn baas en dan bij thuiskomst tegen zijn partner schreeuwt. 

10. Fantasie

Fantasie is ook een ontsnappingsmechanisme. Je vermijdt problemen door je voor te stellen dat ze er niet zijn, of door je te distantiëren van de realiteit.

Fantasie wordt bij verschillende daagse situaties toegepast, van dagdromen tot literatuur lezen of porno kijken. We gebruiken deze momenten om ons los te maken van de bedreigende wereld om ons heen en elders troost te vinden. Na een rotdag op het werk, bijvoorbeeld, kijk je misschien graag naar een actiefilm of luister je naar psychedelische muziek. Zulke activiteiten stellen ons in staat om aan onze werkelijke problemen of zorgen te ontsnappen.

Conclusies

Anna Freud had veel begrip voor het gebruik van afweermechanismen. Die hanteren we omdat we ons erg bedreigd voelen. Het is onze instinctieve manier om gevaar op een afstand te houden en psychologische pijn te beperken.

Anna Freud herinnert ons eraan dat we dat afweren niet opzettelijk doen. Het zijn geen bewuste keuzes die we maken. We realiseren ons niet dát we het doen. We zien onszelf niet als defensief. We beseffen niet dat we iets ontkennen of dat we rationaliseren. De rol van het afweermechanisme is niet om een waarheid te achterhalen, maar om pijn te vermijden.

Anna Freud leert ons een les in bescheidenheid: ze toonde aan dat afweermechanismen hoogstwaarschijnlijk een heel grote rol spelen in ons leven, zonder dat we dit beseffen. Dat is een nederig makende gedachte die ons wat dankbaarder zou moeten maken ten opzichte van degenen die zo goed zijn hun leven met ons te delen. 

 

Dit artikel is een bewerking van het hoofdstuk 'Anna Freud' in boek van The School of Life, Grote denkers. Het is uit het Engels vertaald door Susan Ridder en uitgegeven door Nijgh & Van Ditmar. Het boek is o.a. verkrijgbaar in onze winkel op Frederiksplein 54 en natuurlijk ook online.

Meer over psychologie? In onze 10-delige reeks Crash Course Psychologie leer je over de belangrijkste ideeën uit de psychologie. Ontdek hier alles over de reeks.

Recent entries